Jochem: “Als we adviseursoverleg hebben, zijn we altijd ruim de jongsten. Veel adviseurs zijn vijftig of zestig plus.”
Pepijn: “Ik was laatst op een SEH-congres. Dan kijk je de zaal in en zie je vooral grijze mannen. Leuk om daar verandering in te brengen.”
Jochem: “Vooral jonge klanten hebben behoefte aan een jonge adviseur. Iemand die op hun manier meedenkt. Onze oudere collega’s kennen de materie door en door, maar gaan soms meteen heel diep. Wij houden het wat luchtiger. Geen hypotheekcollege van twee uur, maar simpel en snel uitleggen wat er speelt.”
Pepijn: “Ik had twee klanten die bij een concurrent een oudere adviseur hadden gesproken en zeiden: daar werd het ingewikkeld en saai. Bij jou snappen we het tenminste.”
Helpt jong zijn altijd?
Pepijn: “We zijn sneller met administratie, systemen en nieuwe technieken. Maar dat helpt niet altijd. Oudere klanten denken soms dat ze het beter weten dan ik.”
Jochem: “Soms zie je ze denken: wat weten deze gastjes nou? Maar als blijkt dat het dossier goed is voorbereid en de kennis er gewoon is, zijn ze vaak snel om.”
Pepijn: “Mijn allereerste klant zei na afloop: ik had niet verwacht dat je mijn vragen kon beantwoorden, maar je weet alles.”
Jochem: “Je werd er toen helemaal rood van!”
Waarom zijn jullie hypotheekadviseur geworden?
Jochem: “Ik heb eerst hoteleventmanagement gestudeerd in Rotterdam. Daarna werkte ik bij Van der Valk, maar dat wilde ik niet mijn hele leven blijven doen. Via detachering kwam ik in de financiële dienstverlening terecht. Eerst bij Stater, op debiteurenbeheer. Daarna bij Rabobank, op de klantenservice. Toen ik zelf een huis zocht, kwam ik bij De Hypotheker terecht. Daar ontstond het idee: misschien moet ik dit zelf gaan doen.”
Pepijn: “Bij mij zat het vak al in de familie. Mijn moeder Annelies Bol werkt al bij De Hypotheker - net als een groot deel van de familie. Ik begon op mijn vijftiende achter de balie. Koffie schenken, opruimen, dat werk. Maar ik had wel meteen klantcontact.”
Vond je het meteen leuk?
Jochem: “Vroeger was werk gewoon werk. Ik stopte zodra het vijf uur was en verder interesseerde me het niet zoveel. Als hypotheekadviseur heb ik verantwoordelijkheid voor een dossier, voor mensen die echt iets belangrijks willen regelen. Dat geeft veel meer voldoening. Ik doe dit nu ruim 2,5 jaar en heb er geen seconde spijt van.”
Pepijn: “Ik heb heel lang gezegd dat ik níet net als mijn familie het hypotheekvak in wilde. Maar langzaam begon ik de inhoud interessant te vinden. Ik keek mee met assistentes, hielp steeds meer mee en deed op mijn zeventiende al mijn eerste afspraak over een belastingaangifte. Ik ga nu op maandag en donderdag naar school, loop vanaf september stage bij Van Lanschot en werk daarnaast hier nog twee dagen plus de zaterdag als hypotheekadviseur.”
Wat zeggen vrienden over je baan?
Pepijn: “Op verjaardagen krijg ik meteen: wat is de rente nu? Veel vrienden vinden het wel een serieuze baan. Maar ook stoffig.”
Jochem: “Mijn vriendin zegt dat ook. Daar heb ik elke dag een nieuw argument tegen. Ik ben niet de hele dag rapporten aan het schrijven. Ik bedenk met klanten een biedstrategie, bel een taxateur, overleg met een makelaar. We doen veel meer dan alleen financieren.”
Pepijn: “We zitten ook echt niet de hele dag achter een bureau.”
Jochem: “Ik praat meer met mensen dan met mijn computer.”
Komt er een tekort aan hypotheekadviseurs?
Pepijn: “Bij ons niet, maar in de markt denk ik wel. De aanwas is klein. In mijn klas zitten elf mensen. Tegelijk gaan er veel meer adviseurs met pensioen.”
Jochem: “Vroeger deed een adviseur misschien vijf hypotheken per maand. Nu zijn processen makkelijker en efficiënter. Tien tot vijftien dossiers per maand kan ook. Dus een tekort wordt deels opgevangen doordat adviseurs meer kunnen doen.”
Verschuift advies niet naar execution only of AI-only?
Pepijn: “Dat denk ik niet. Mensen willen sparren. Zeker bij zoiets groots als een huis kopen.”
Jochem: “Er komen wel meer ketens. Veel eenpitters gaan stoppen. Voor kantoren zoals het onze betekent dat waarschijnlijk meer klanten.”
Hoe is het om op zo’n jong kantoor te werken?
Pepijn: “Heel informeel. Soms zitten we te lunchen en denken klanten volgens mij: wat is dit, een kleuterklas?”
Jochem: “Maar er wordt keihard gewerkt. We hebben vijf twintigers en één veertiger. Het is jong, snel en gezellig, maar geen speeltuin.”