Opinie

Onvoorziene fiscale strop treft juist huizenbezitters die veel hebben afgelost

31 mei 2017 Leestijd ± 3 minuten 244 views

Een huizenbezitter met een kleine hypotheekschuld kan er vanwege de jaarlijkse inperking van de hypotheekrenteaftrek mee geconfronteerd worden dat hij meer belasting moet betalen dan hij kan aftrekken. Dat kan voorkomen omdat iedereen, volgens staatssecretaris Wiebes, de hypotheekrente in de aangifte moet opgeven, zelfs als dit niet of niet volledig leidt tot een aftrekpost. De VEH vindt dat dit in strijd is met eerdere toezeggingen van minister Blok en tekent protest aan. “Het toont maar weer aan hoe complex we de regelgeving met betrekking tot de eigen woning hebben gemaakt,” vindt Hendrik Schakel van Viisi.

Tot vier jaar geleden konden huizenbezitters nog tegen het hoogste tarief van 52 procent hypotheekrente aftrekken. Inmiddels gaat daar ieder jaar een half procent vanaf. Een van de gevolgen daarvan is dat een huizenbezitter die nog maar een kleine hypotheekschuld heeft, meer belasting moet betalen dan er aan hypotheekrenteaftrek kan worden verrekend. In feite betaalt hij dus geld bij, in plaats van te profiteren van de hypotheekrenteaftrek. In antwoord op Kamervragen stelt staatssecretaris Eric Wiebes dat het ’verplicht’ is om een eigenwoningschuld “en de daarmee verband houdende aftrekbare kosten eigen woning” op te voeren in de aangifte. “Dat betreft geen keuze”, aldus Wiebes.

Standpunt VEH
De Vereniging Eigen Huis is het niet eens met deze opvatting en vindt dat die in strijd is met eerder gedane toezeggingen door minister Blok bij de behandeling van de Wet Maatregelen Woningmarkt 2014. Daarin gaf Blok het volgende aan: “Overigens biedt het wetsvoorstel belastingplichtigen die onder de Hillen-regeling vallen en een kleine eigenwoningschuld hebben de ruimte om de gevolgen van de tariefsaanpassing te voorkomen. Belastingplichtigen kunnen er in dat geval voor kiezen om de kosten vanaf 2014 niet in box 1 in aftrek te brengen.” Kort gezegd: de belastingplichtige moet volgens de VEH de vrijheid hebben om de aftrekbare rente en kosten van de eigen woning wel of niet in de aangifte op te geven om op die manier een belastingcorrectie te voorkomen.

De Vereniging Eigen Huis vindt dat mensen erop moeten kunnen vertrouwen dat het kabinet altijd met één mond spreekt. De vereniging roept in een brief de Staatssecretaris op de onduidelijkheid die nu is gecreëerd weg te nemen en eerder gedane toezeggingen van het Kabinet na te komen. Ook uit de politiek komen soortgelijke signalen. Zo stelt Carola Schouten van de ChristenUnie: “Dit is totaal niet in de geest van de wet. De Kamer heeft dit niet zo gewild, dus los het op!”

De bedoeling van de wet
Hoe kijkt de markt naar de kwestie? “Het gaat erom of het de bedoeling van de wet was om de tariefcorrectie altijd toe te passen”, vindt Hendrik Schakel, co-founder van Viisi. “Volgens de wet zitten de woning en de woningschuld in box 1, en ben je verplicht de hypotheekrenteaftrek op te geven. En dat kost een paar honderd euro per jaar, afhankelijk van de hoogte van de eigenwoningschuld, de rente en je belastingtarief. Als het onbedoeld is – en daar lijkt het wel op, gezien de uitspraak van minister Blok – dan moet je daar als overheid duidelijkheid over geven. De retoriek achter het verlagen van de hypotheekrenteaftrek was ‘we gaan het voordeel verkleinen’. Niet: ‘we gaan het voordeel ombuigen in een nadeel’.”

Volgens Schakel illustreert de kwestie hoe complex de wetgeving bij een eigen woning is geworden. “Een punt is dat je juist de mensen die hun hypotheek aflossen, opzadelt met een belastingcorrectie. Immers, als je niet of weinig aflost, voel je deze correctie niet. Je wordt dus eigenlijk bestraft omdat je je hypotheek aflost. Terwijl de wetgeving sinds 2013 is erop gericht om de aflossen te belonen.”