Opinie

Kritiek op de Wft: waarom staat de klant niet centraal?

07 juni 2017 Leestijd ± 2 minuten 171 views

Sinds januari dit jaar moet elke hypotheekadviseur van het ministerie van Financiën een erkend diploma hebben, dat elke drie jaar opnieuw behaald moet worden. Instituten als het NIBE-SVV helpen adviseurs bij de voorbereiding. Hoewel deze periodieke examens voor een constante instroom van leerlingen zorgen, is programmamanager Dik van Velzen van het NIBE-SVV niet blij met de huidige constructie: “In de examens moet de focus liggen op de klant, niet op het product.”

Omdat veel adviseurs te laag opgeleid bleken te zijn, heeft het ministerie van Financiën in 2014 een centraal examen ingevoerd. Dat is geregeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Nadat het diploma is behaald, moet de diplomahouder in eerste instantie na twee jaar, en vervolgens elke drie jaar een PE-examen (permanente educatie) afleggen om aan te tonen dat hij zijn vakbekwaamheid heeft bijgehouden. De inhoud hiervan is centraal vastgesteld en ook het resultaat wordt door het ministerie vastgesteld. Adviseurs in de financiële wereld kunnen via particuliere instellingen een opleiding volgen ter voorbereiding hierop. Ook zijn er enkele hbo-opleidingen, maar het overgrote deel van de opleidingen is gericht op werkenden. De Wft omvat op dit moment negen diploma’s. Adviseurs die meerdere diploma’s hebben, moeten voor allemaal elke drie jaar opnieuw een PE-examen maken.

De klant centraal
Van Velzen heeft kritiek op deze gang van zaken: “De overheid heeft het stelsel te productgericht gemaakt. Simpel gezegd: je moet als hypotheekadviseur kennis hebben van hypotheken en dan mag je die verkopen. Maar de klánt moet juist centraal staan. Een adviseur moet zich kunnen verdiepen in de gehele financiële situatie van de klant, inclusief zijn inkomenssituatie nu en in de toekomst, en zijn pensioen. Hij moet dus een integraal financieel advies kunnen geven. Een klant moet een beslissing kunnen nemen op basis van goed financieel advies waarin alle financiële aspecten zijn meegenomen. Dit moet al in de examens, en dus de opleidingen, terugkomen.”

Less is more
Het opleidingsstelsel in de Wft zou volgens Van Velzen daarom anders ingericht moeten worden. “Hoewel deze regeling van het ministerie vaak wordt gezien als een goudmijn voor de particuliere opleidingsinstellingen, pleit NIBE-SVV juist voor minder examens”, aldus Van Velzen. “Draai het om en zet de klant echt centraal in de examens. Maak van negen verschillende examens twee; één voor de particuliere en één voor de zakelijke klant. En maak van eens in de drie jaar een PE-examen, eens in de vijf jaar.” Tot slot voegt hij toe dat het verplicht maken van de examens, ondanks zijn begrip voor de noodzaak ervan, het vak ook minder leuk maakt: “Het is simpelweg leuker om leerlingen op te leiden die zo’n opleiding volgen uit passie voor het vak. Niet omdat ze verplicht aan een papiertje moeten komen.”