Opinie

‘Ik maak nog steeds propaganda voor rentespreiding’

06 september 2018 Leestijd ± 3 minuten 460 views

Het vooruitzicht dat de rente gaat stijgen stimuleert veel woningbezitters om hun hypotheek over te sluiten. Volgens adviesbureau IG&H was het aantal oversluiters het laatste kwartaal voor het eerst groter dan het aantal starters. De historische lage rente en de vrees om de boot te missen drijft veel woningbezitters om deze stap te maken.

Veel oversluiters kiezen daarbij voor een lange rentevasteperiode, zegt financieel planner Ramón Wernsen. Zo speculeren ze in feite op de richting van de rente. Wernsen wijst erop dat de toekomst niet te voorspellen is en pleit daarom al jaren voor rentespreiding.

Wat is het beeld met oversluiters op dit moment?

“Het gebeurt heel veel en is al enige tijd aan de gang. Veel mensen zeggen nu inderdaad ‘de rente is zo laag, die kun je wel heel lang vastzetten’. Maar wat is laag? Ik denk dan ‘dat zeiden we vijf jaar geleden ook en twintig jaar geleden ook’. Ik denk dat wij als mensen snel de fout maken dat we denken dat we de toekomst kunnen voorspellen op basis van het verleden. Ik ben daar heel voorzichtig mee. Waarom zou je wedden je op één paard voor iets dat onverwacht is? Stel je zet de hele hypotheek tien jaar vast, wat gebeurt er dan na tien jaar als de rente is gestegen? Net als met beleggen in aandelen moet je ook het renterisico spreiden.”

Hoe werkt dat in de praktijk?

“In 2003 schreef ik erover in het Vakblad Financiële Planning. Uiteindelijk kwam de Postbank in 2004 met een product, de rentemix. Dat is heel succesvol geweest totdat de rente enorm ging dalen na crisis. Desondanks adviseer ik nog steeds rentespreiding. Ik heb bijvoorbeeld net klanten gehad die de helft van hun hypotheek aflossingsvrij financieren en de rest opdelen in drie annuïten. Een deel staat vijf jaar vast, een deel tien jaar en een deel vijftien jaar. Daarnaast maak ik er propaganda voor in artikelen richting collega’s.”

Hebben adviseurs het goed genoeg op hun radar?

“In de praktijk zie je nog heel vaak één rentevasteperiode. Dat heeft ermee te maken dat je dan meer kunt lenen. Op tien jaar vast kun je het meeste lenen omdat je de laagste toetsrente hebt. Als een deel vijf jaar vaststaat is de toetsrente daarop immers 5 procent, terwijl het voor de andere delen de werkelijke rente is. Dat vind ik ook eigenlijk een heel vreemd iets.”

Is de oplossing dan om te kiezen voor een combinatie van tien jaar vast, vijftien jaar vast en twintig jaar vast?

“Ja, klopt. Het moet natuurlijk alleen nog passen dat de klant nog steeds de financiering kan krijgen. Daarbij kan je wel het trucje toepassen dat je komt tot een rente van 2,01 of 2,51 procent. Doordat je met een iets hogere rente een hogere woonquote hebt, kun je meer lenen. Dat is eigenlijk een fout in het rekensysteem. Adviseurs die dat doen spreiden de rente zo ook, alleen zetten ze het voor een ander doel in dan waarvoor ik het bedoel.”