Meer kopstukken

Funderingsproblemen raken de basis, maar zijn op te lossen

04 januari 2018 Leestijd ± 4 minuten 347 views

Spraken we onlangs met Andre van Luijk over het Fonds Duurzaam Funderingsherstel, deze keer komt iemand aan het woord die zelf met flinke funderingsproblemen heeft geworsteld. Positieve kanttekening op voorhand: ze heeft haar tegenslagen tot iets moois om weten te buigen. Aan het woord Martine Coevert, onder meer ingehuurd door het Funderingsloket van de gemeente Rotterdam.

Om bij het begin te beginnen: in april 2010 kocht Martine Coevert, destijds nog personeelsadviseur in het bedrijfsleven, haar woning in Rotterdam. Coevert: “Al snel, zo rond juli 2011, gingen de eerste spookverhalen in de buurt rond, over een slechte fundering. Vervolgens ga je zelf op onderzoek uit, door in gesprek te gaan met buren en door potloodstrepen te zetten bij scheurtjes in de muur. Op het moment dat je ziet dat de scheuren en scheefstand inderdaad groter worden, begin je je te realiseren dat je in de problemen zit.”

Het gehele proces, vanaf het moment dat het allereerste onderzoek werd uitgevoerd tot het moment dat het funderingsherstel was afgerond, heeft ongeveer drie en een half jaar geduurd en veel impact gehad op het leven van Coevert en haar buurtgenoten. Coevert: “Ik ben een behoorlijke optimist hoor, maar ook ik heb ’s nachts regelmatig wakker gelegen. Hoe heeft me dit kunnen overkomen? Hoe komen we hier in hemelsnaam uit?” Ter illustratie: op paalrot.info staan vergelijkbare verhalen, van mensen die met hun handen in het haar zitten.

Sociaal probleem
Coevert geeft aan dat het omgaan met funderingsproblemen niet alleen een financieel probleem is. “Natuurlijk, lang niet iedereen heeft 50.000 euro beschikbaar, dus geld ís een voornaam onderdeel van de zorgen, net zoals dat de rotte fundering een technisch aspect aan het probleem geeft. Maar het beheerst echt het leven van mensen, waardoor het veel meer een sociaal probleem is.” Huiseigenaren gaan een heel rouwproces door. “Ze moeten een gewenste verhuizing uitstellen, een droomreis voorlopig uit het hoofd zetten: funderingsproblemen veranderen iemands perspectief.”

Terwijl dit soort verrassingen in bepaalde gevallen ’gewoon’ voorkomen kunnen worden. Coevert: “Het begint al bij de taxateur, die zich niet zozeer focust op de vraag wat een woning nou daadwerkelijk waard is, maar zich meer afvraagt: wat wil iemand ervoor betalen?” Zoals ook de makelaar en de verkopende partij er niet van op de hoogte zijn óf hun mond houden. “In dat laatste geval zijn het natuurlijk gewoon boeven”, aldus Coevert, “want je verkoopt dan willens en wetens een woning waarvan de fundering niet meer voldoet. Door naast het bouwkundig onderzoek ook onderzoek te doen naar de fundering  weet je wat de daadwerkelijke staat van de woning is. Worden er gebreken geconstateerd, dan kan iemand alsnog besluiten het huis wel te kopen, maar dan weet diegene wel wat hem of haar binnen een gegeven periode te wachten kan staan.”

Oplossingen
Ook banken zouden een slag om de arm moeten houden. “In Rotterdam is bijvoorbeeld in kaart gebracht wat de risicogebieden zijn, dus waar de kans op funderingsproblematiek het grootst is. Als iemand een woning in het rode gebied wil kopen, waar het risico het grootst is, moet diegene ook financieel aan kunnen tonen dat een probleem met de fundering opgevangen kan worden.” Anders staat deze koper over een paar jaar weer bij de bank aan de deur, om het funderingsherstel te kunnen financieren. En in dat geval zijn beide partijen de pineut. De aanvrager krijgt hoogstwaarschijnlijk geen lening, wanneer dat niet binnen de hypotheek of het huidige inkomen past, terwijl het onderpand van de bank feitelijk dus veel minder waard is. Coevert: “Door dit vooraf te controleren, voorkom je dergelijke situaties.”

Maar een partij zoals Funda kan óók een voorname rol spelen. Coevert: “Waarom zou de verkopende partij de fundering niet mee kunnen nemen bij het registreren van de woning?” Aangezien verreweg de meeste mensen Funda raadplegen tijdens hun huizentocht, zou dat al veel mensen op voorhand waardevolle informatie moeten opleveren.

Gemeente Rotterdam
In het geval van Coevert en de rest van de straat konden ze aanspraak maken op een lening van de gemeente Rotterdam. Hoewel: daar leek het in eerste instantie niet op. “Plots was deze lening niet meer beschikbaar. Dus ging ik opnieuw een rondje langs de gemeenteraad, begon ik opnieuw brieven te schrijven”, aldus Coevert. Uiteindelijk kwam de lening wél weer beschikbaar en kon de straat van Coevert beginnen met de voorbereidingen van het funderingsherstel.

Uiteindelijk is het allemaal goed gekomen én heeft haar ervaring met funderingsproblematiek Coevert zelfs een carrièreswitch opgeleverd. “Doordat er veel aandacht van de media is geweest, zag men mij als een ervaringsdeskundige wat betreft funderingsproblematiek en stond ik mensen bij in het oplossen van hun funderingskwesties. Na enkele jaren heb ik uiteindelijk mijn eigen adviesbureau opgericht. Ik word momenteel ook ingehuurd door de gemeente Rotterdam waar, mezelf incluis, vier personen fulltime met de funderingsproblematiek bezig zijn, andere interne deskundigen nog niet eens meegeteld."

Voor zover dat nog niet bekend is, blijkt het funderingsprobleem in Rotterdam bijzonder groot te zijn. Coevert: “Binnen nu en vijftien jaar gaan zo’n 20.000 woningen hier gaandeweg tegenaan lopen.” Meer dan genoeg werk voorhanden dus.