Geef hypotheekadviseurs meer ruimte om op basis van explain te werken. Daarvoor pleit Peter Kilsdonk van Van Bruggen Veenendaal. Want of het nu gaat om starters, doorstromers of senioren: volgens hem houden regels soms oplossingen tegen die financieel prima verantwoord zijn. “Het zou veel meer moeten gaan om de vraag: kunnen mensen het betalen of niet?”
Is er voldoende ruimte voor maatwerk?
“Als adviseurs zijn we vooral bezig de regels te volgen en banken doen hetzelfde. Terwijl er nauwelijks ruimte is voor explain. Kijk naar senioren: we hebben een enorm woningtekort en willen dat ouderen doorstromen naar kleinere woningen. Maar als ze hun oud-regime aflossingsvrije hypotheek niet kunnen meenemen en annuïtair moeten gaan aflossen, stijgen hun maandlasten. Waarom zouden ze dan verhuizen? Zo werk je doorstroming juist tegen. Ik ben inmiddels 71, dus het gaat ook over mezelf: als je onder de 50% LTV blijft, zou aflossingsvrij toch geen probleem moeten zijn?"
Zouden de regels bij starters ook ruimer mogen?
“Als ik kijk naar het besteedbaar inkomen van jonge mensen, zie ik regelmatig dat ze nog zo’n €2.000 per maand overhouden. Toch blijven we vasthouden aan de Nibud-normen. Dan denk ik: deze mensen kunnen meer dragen dan de toetsing suggereert. Een tweeverdienersstel zonder kinderen kan bij hetzelfde inkomen evenveel lenen als tweeverdieners met vier kinderen. Terwijl hun uitgaven totaal anders zijn. Misschien krijgt dat kinderloze stel later nog kinderen. Maar weten we dat? Nee. Waarom zouden we daar dan nu al rekening mee houden?”
Hoe zou het dan moeten?
“We zouden veel meer moeten kijken naar besteedbaar inkomen en de werkelijke situatie. Natuurlijk moet je ook adviseren over risico’s, zoals arbeidsongeschiktheid, werkeloosheid en pensoen. Maar uiteindelijk draait het om de vraag of iemand de lasten kan betalen. Daar zou de adviseur een goed onderbouwde explain voor moeten kunnen geven. Als mensen scheiden, toetsen we op werkelijke lasten en kan er vaak veel meer. We kunnen dus wél anders toetsen als de situatie daarom vraagt. Waarom kan dat bij een scheiding wel en bij een starter niet? Geef adviseurs de ruimte om onderbouwd aan te tonen dat een hypotheek verantwoord is. Regels zijn belangrijk, maar betaalbaarheid laat zich niet altijd in één standaardnorm vangen.”
Je wijst ook op leen-schenkconstructies, banken zorgen voor onduidelijkheid. Hoe komt dat?
“Stel, ouders lenen hun kind een bedrag van €100.000 met een leen-schenkconstructie en het kind lost die lening annuïtair af voor de hypotheekrenteaftrek. Bij veel banken geldt de verplichting dat ouders jaarlijks een bedrag terugschenken. Maar als die schenking een repeterend karakter krijgt, kan de Belastingdienst daar anders naar kijken en belasting heffen over de schenking. Dat wéten banken, maar die zeggen doodleuk: wij zijn niet verantwoordelijk voor de belastingaangifte van klanten. Dat wringt. Ouders willen hun kinderen graag helpen en sinds de jubelton is afgeschaft, moet dat via andere wegen. Een oplossing kan zijn dat de schenkverplichting stopt als een van de schenkers overlijdt, maar ook dat accepteert niet iedere bank. Gelukkig heb ik nog nooit meegemaakt dat de Belastingdienst daadwerkelijk problemen veroorzaakt, maar ik waarschuw klanten er wel voor. Je wilt vooraf duidelijkheid.”