Mijn collega Edo van de Burgwal becijferde in Financial Investigator dat zo’n 450 miljard euro aan overwaarde vastzit bij 67-plussers. Dat bedrag groeit stevig door, omdat de meeste huiseigenaren verplicht annuïtair aflossen, terwijl grootbanken onder druk van ECB en DNB juist minder aflossingsvrij accepteren. Waar vroeger vaak 50% van de woningwaarde aflossingsvrij kon worden geleend, is dat bij veel banken nog maar 30%.
Edo noemt dat een dubbele fuik: het vermogen groeit, terwijl de mogelijkheden om het te benutten kleiner worden. Wie zijn overwaarde niet bij leven gebruikt, laat het automatisch na. Dat roept een logische vraag op: waarom zou je het grootste deel van je eigen vermogen pas na overlijden mogen inzetten?
Een scheve verdeling
Die 1.000 miljard wordt bovendien zeer ongelijk verdeeld. De 75-plussers bezitten samen bijna 500 miljard euro aan nettovermogen. Huishoudens met een koopwoning hebben gemiddeld circa 690.000 euro vermogen, huurders ongeveer 50.000 euro. Erfgenamen van huurders krijgen dus een fractie van wat kinderen van huiseigenaren erven. De scheidslijn loopt niet tussen regio’s, maar tussen koop en huur. Econoom Jona van Loenen wijdt er in september een boek aan.
De discussie mist het punt
Het maatschappelijke debat gaat nu vooral over erfbelasting. Voorstanders willen daarmee kansenongelijkheid verkleinen, tegenstanders wijzen op dubbele belasting en een rem op vermogensvorming. Maar beide kampen discussiëren pas over het vermogen als iemand is overleden.
Ook de oproep om senioren makkelijker te laten verhuizen, zoals onlangs in Trouw werd bepleit, lost dat niet op. Natuurlijk helpt doorstroming, maar veel ouderen willen helemaal niet verhuizen. Voor hen blijft de overwaarde simpelweg vastzitten.
De markt beweegt wel
Terwijl de politiek naar de nalatenschap kijkt, richt de markt zich steeds meer op de jaren ervoor. Verzilverhypotheken bestaan al langer, maar het aanbod is beperkt en vaak duur. Dat verandert. Vooral verzekeraars en pensioeninvesteerders zien kansen. Hun lange beleggingshorizon past goed bij dit soort leningen.
MUNT Hypotheken, gefinancierd met pensioengeld, werkt bijvoorbeeld aan een hypotheek met een levenslang vaste rente, een ruimere opname dan de 30% die veel banken toestaan en een toets op de werkelijke woonlasten. Het uitgangspunt is simpel: een aflossingsvrije lening tot ongeveer 50% van de woningwaarde levert voor deze doelgroep nauwelijks extra risico op. De richting is duidelijk. Overwaarde hoeft niet langer te wachten op een erfenis.
Wat betekent dit voor adviseurs?
De vraag is er al, het aanbod volgt nu. Vrijwel iedere adviseur heeft klanten van boven de 67 met veel overwaarde en weinig of geen hypotheek. Vaak zijn dat juist de dossiers die jarenlang stil blijven liggen. Maar achter die rust schuilt een groeiende behoefte. De komende jaren zal de markt daar steeds meer oplossingen voor bieden.